Petruskerk

De huidige Petruskerk is gebouwd op de plaats waar eerder een houten kerk heeft gestaan, die in 1202 is verbrand tijdens een plundertocht van Hollanders die het Sticht binnenvielen. Over de vroege kerkgeschiedenis van Woerden is echter bijna niets bekend. In de dertiende eeuw verrees er een stenen kerk, die in de loop der tijd steeds verder is uitgebouwd en verfraaid. Omstreeks 1372 werd begonnen met de bouw van de toren, die ook voor niet-kerkelijke functies werd gebruikt (bewaking etc).

Het koor en het middenschip kwamen driekwart eeuw later gereed. Zo was omstreeks 1450 de H. Kruiskapel aan de noordzijde klaar en aan de zuidzijde was een lage ingangskapel, die daarna werd voorzien van een verdieping met stenen gewelf. In de stenen ruimte die hier ontstond werd in 1543 een schatkamer (syter) gemaakt, die niet alleen voor de kerk fungeerde maar ook voor de stad, het gasthuis en het Groot- Waterschap van Woerden. Tussen 1492 en 1509 werd de kerk uitgebreid met een kooromgang en een nieuwe sacristie (nu consistoriekamer).

In het begin van de 16e eeuw werd de parochie bediend door één pastoor, bijgestaan door een kapelaan. Daarnaast kende Woerden ook gildenpriesters. Iedere gilde kreeg in de parochiekerk zijn eigen altaar voor het lezen van de zielenmissen. Dat veranderde met de Reformatie. In 1566 liet de toen Luthersgezinde stadsregering de beelden en kerksieraden uit het gebouw wegnemen en werd de priester van zijn dienst ontheven. Later zijn die weer teruggeplaatst, maar in 1572 werden alle beelden en altaren definitief uit de kerk verwijderd. De muren in de oorspronkelijk rijk gedecoreerde kerk werden witgepleisterd. Voortaan was het gebouw bestemd voor de protestantse eredienst.

Tijdens de Franse bezetting in 1672 raakte de toren en het dak van de kerk in brand toen de Fransen aan hun troepen in Utrecht een signaal door middel van een vuur op de torentrans wilde afgeven voor hulp bij de bedreiging van Woerden. Met het herstel van de kerk na de bezetting in 1675 heeft de Petruskerk in grote lijnen zijn huidige vorm gekregen. De straalkapel werd in 1865 veranderd in een ingangsportaal. Voorts werd aan het eind van de negentiende eeuw de buitenmuur gepleisterd, die bij de restauratie in 1980-1983 weer in oorspronkelijke staat is teruggebracht.

In de kerk bevindt zich een orgel, gebouwd door J.H.H. Bätz (1767), en een grafmonument voor de Woerdense kapitein-ter-zee Hugo Schaap (1717). Bij restauraties en herstellingen in de jaren '30 en in 1980-1983 zijn onder meer beelden daterend van vóór de Reformatie teruggevonden. Een deel ervan is in de kerk teruggeplaatst en de resterende beelden zijn in het Stadsmuseum ondergebracht.

Archieven
  • Archief van het stadsbestuur van Woerden 1393-1811 (W001), o.a. invnrs 360-386 (kerkrekeningen);
  • Archief van de Nederlandse Hervormde gemeente te Woerden 1613-1985 (W142), o.a. invnrs 513-565.
Literatuur
  • Jan van Es en Saskia van Ginkel-Meester, Woerden: geschiedenis en architectuur (Utrecht, 2000), pp. 159-164;
  • J. Haitsma, Hoofdstukken uit de geschiedenis van de hervormde (gereformeerde) kerk van Woerden van 1593 t/m 1963 (Woerden, 1978);
  • G. de Klerk, De Petruskerk te Woerden (Woerden, 1984).