Boerderij annex herberg "De Hoogenboom"

"De Witte Swaen" aan de Achthoven-West 10 is een fraaie dwarshuisboerderij, waar vroeger onder dezelfde naam ook een herberg in gevestigd was. Vanaf het eind van de 17e eeuw stond deze boerderij annex herberg bekend als "De Hoogenboom". De reden van de naamswijziging is onbekend. Het schijnt dat een uithangbord met een witte zwaan ooit duidde op een uitspanning waar het vrouwelijk personeel tegen betaling open stond voor vergaande intimiteiten. Of dat ook in Achthoven het geval was, is onbekend. Herberg "De Hoogenboom" fungeerde als recht- en gemeentehuis van Achthoven, dat in 1857 door de samenvoeging met Linschoten haar zelfstandigheid verloor. Het kwam voor dat de herbergier ook zelf mee kon doen aan de beraadslagingen: kastelein/boer Gijsbert Blom was halverwege de 19e eeuw assessor (wethouder), gemeenteraadslid en ambtenaar van de burgerlijke stand van Achthoven. Hij was van alle markten thuis. Een vader die bij hem kwam voor een geboorteaangifte, kon voordat de inkt goed en wel droog was daarna alweer aan de toog staan om de uitbreiding van het gezin te vieren. 

De kastelein diende zich te houden aan de politieverordening betrekkelijk de herbergen, koffiehuizen en kroegen in Linschoten (1876). Deze verbood het schenken van drank aan kinderen beneden de 16, aan bedeelden en aan dronken mensen. Uitbundig geschreeuw en getier diende te worden tegengegaan en ongeregeldheden moesten bij de burgemeester of rijksveldwachter worden gemeld. De gasten werden geacht om 10 uur 's avonds vertrokken te zijn. "De Hoogenboom" zal vaak als rustplaats zijn gebruikt voor langstrekkende reizigers. De herberg lag gunstig langs de doorgaande route nabij de Hoogenboomsebrug, waar het pand met de haaks op de weg gelegen voorgevel op uitkeek. De brug is in het begin van de 20e eeuw verplaatst.

De bewoners van de Hoogenboom stonden de ene keer te boek als kastelein en dan weer als landbouwer. De boerderij oogt vandaag de dag 19e eeuws, maar met name het dwarshuis heeft een veel oudere kern. Vanouds behoorde bij de boerderij 15 morgen boomgaard, wei- en hooiland, maar vaak had de boer nog meer grond in eigendom of pacht. In de tweede helft van de 18e eeuw was "De Hoogeboom"eigendom van de familie Bijlevelt, een rijke familie van bierbrouwers uit Vleuten. Zo kwam de boerderij annex herberg in handen van de pastoor van Vleuten, die telg was uit deze familie. De geestelijke stond echter niet zelf achter de toog. Hij verhuurde in 1786 de Hoogenboom aan Maria Vreugdenrijk, die later eigenaar van "De Hoogenboom" werd. Uit haar eerste huwelijk met Dirk Blom werd de eerder genoemde Gijsbert Blom geboren, die in 1807 eigenaar van het bedrijf werd. De Hoogenboom werd toen getaxeerd op een waarde van 11.500 gulden en omschreven als een huizinge, erf, grond met stallinge, schuur, hooibergen, kolfbaan met 15 morgen land. De kolfbaan hoorde bij de herberg: Het was een harde vlakke baan waarop het destijds populaire kolfspel werd gespeeld. Hierbij moest de speler proberen met een slaghout de bal weg te slaan en hiermee een paal aan het eind van de baan te raken.

Latere eigenaren in de 19e eeuw waren jonkheer J.C. Martens van Sevenhoven en Jacobus Mocking, waarna het in handen kwam van de familie Vlooswijk. Dit was de laatste boerenfamilie die woonde en werkte "aan" de Hoogenboom.

Literatuur:
  • Jan Blom e.a., Familie Register: de familie Blom in West-Utrecht, (z.p , 2002), pp. 50-51.
  • Fred Gaasbeek en Charles Noordam, Montfoort: geschiedenis en architectuur (Zeist, 1992), pp.97-98;
  • Frank van Rooijen "Beknopte geschiedenis van De Witte Swaen in Achthoven (Montfoort)" in Folder Open Monumentendag 2006.