Nederlands-hervormde kerk

Bijna 160 jaar geleden, in 1846, vond in Hekendorp voor het eerst een kerkdienst plaats in een eigen kerkgebouw. De stichting ervan werd door de kerkenraad van Oudewater met argusogen bekeken.

Kerkelijk gezien viel Hekendorp, ook wel Goejanverwellesluis genoemd, sinds jaar en dag onder Oudewater. Maar zo kerkelijk waren de Hekendorpers niet. Volgens een rapport uit de 17e eeuw 'valt het den bejaarden en zwakke vrouwen in gezondheid moeilijk herwaarts (naar Oudewater) te komen, te meer dat de meesten (...) geene gelegenheid hebben te rijden'. Daarbij stond de bevolking van Hekendorp bekend als ruw, verstoken van godsdienstkennis en losbandig. Een eerste poging in 1647 om er een kerk te bouwen, een predikant te benoemen en een geloofsgemeenschap te stichten, mislukte. De predikant werd in 1712 ontslagen, maar in plaats daarvan werd een 'catechiseermeester' aangesteld.

Aan het begin van de 19e eeuw veranderde de situatie. Ambachtsvrouwe Charlotte Ernestine Wilhelmina van Hoffstedt verbleef in de zomer in Hekendorp op Wierixsoord, één van haar hofsteden. Zij zorgde ervoor dat er op zondagavond door de catechiseermeester van Oudewater diensten gehouden werden in de opkamer van haar boerderij. Toen hier na 27 jaar, in 1836 een einde aan kwam, werd deze leegte opgevuld door Ds. G. Steenhoff, één van de Oudewaterse predikanten. Hij verzorgde diensten in de opkamer op maandagavond. Al snel ontstond grote onenigheid tussen ds. Steenhoff en de kerkenraad en kerkvoogdij van Oudewater. Men was bang dat Hekendorp een zelfstandige kerkelijke gemeente wilde stichten, ten koste van die van Oudewater. Dit gebeurde ook, want rond 1840 diende Steenhoff inderdaad bouwplannen in voor een 'eigen' kerkgebouw.

In 1844 verleende de koning toestemming voor de aankoop van een stuk grond en het stichten van een kerkje daarop. Na bedenkingen verleenden ook de kerkenraad en kerkvoogdij van Oudewater hun medewerking, maar wel onder voorwaarde 'dat de Hervormde ingezetenen van Goejanverwellesluis voor zich en hun nakomelingen zich nimmer zouden trachten af te scheiden van de kerkelijke gemeente te Oudewater'. De zinsnede 'en hun nakomelingen' is na protest van Hekendorpers uiteindelijk achterwege gelaten. Om schade aan de Oudewaterse gemeente te voorkomen werd tevens door de kerkenraad bepaald dat leden uit omliggende buurten zoals Hoenkoop of Roosendaal, niet in Hekendorp het Avondmaal mochten vieren of hun kinderen laten dopen.

Na het zekerstellen van voldoende financiële middelen werd op 14 maart 1845 de bouw gegund aan B. Janse uit Woerden. De eerste steen werd gelegd door ds. Steenhoff en op zondag 22 maart 1846 vond de inwijding plaats. Hekendorp had haar eigen kerk: "een stevig gebouw, daargesteld op een hoogen en vasten grondslag".

Archief
  • Archief van de Nederlands Hervormde gemeente van Oudewater en Hekendorp 1572-1990 (O070), o.a. invnrs 19 en 475-496.
Literatuur
  • C. van Someren, De afwachtenden, de geschiedenis van Goejanverwellesluis tot Hekendorp (Vlist,1999), pp. 51-55;
  • Restauratie Ned. Hervormde kerk Hekendorp 1991, (Hekendorp, 1991), pp. 5-20.